Skûtsje van de Week: Jonge Jasper

Bijna was Froukje Osinga-Meijer in 2014 de eerste vrouwelijke IFKS-kampioen in de klasse A-groot. Maar de laatste wedstrijd bij Lemmer werd wegens harde wind afgelast en Jelle Talsma won. In 2015 was ze er na Echtenerbrug weer klaar voor om kampioen te worden, maar vooral in de finale, zaterdag, ging het mis. Ton Brundel pakte de titel en beroofde haar vader Sieb van een record.

‘Jonge Jasper’, Franeker

De Drie Gebroeders, Twee Gebroeders, Margo

Gebrs. Roorda, de Piipster Werf, Drachten, 1911

 

Tot dan toe waren de ‘Jonge Jasper’ met de ‘Lytse Lies’ de enige skûtsjes en Sieb Meijer uit Franeker met Ton Brundel uit Gaastmeer de enige schippers die vijf IFKS-titels op hun naam hadden geschreven. Sieb, die ook op een grote Lemsteraak zeilt, trok zich in 2014 terug ten gunste van dochter Froukje. Zij stoomde in één keer door van de C- naar de A-klasse. Bij zijn bedrijf Multiship Holland werd ze samen met Wiecher Kocken in de leiding opgenomen. Maar Sieb bleef wel betrokken bij de strijd om de Kralingen Cup in Rotterdam, die hij in 2015 won.  

Ton, winnaar van deze prijs in 2014, verkocht een groot deel van zijn bedrijf aan dochter Rosalie en schoonzoon Martijn Fakkeldij, maar bleef baas op de ‘Lytse Lies’. Zo kon hij met zijn zesde kampioenschap in 2015 het record breken. De sportieve metaalbewerker Sieb, die behalve een skûtsje en een bedrijf ook een prachtig huis en een mooie Lemsteraak bezit, accepteerde het manmoedig. Hij was al lang blij dat dochter Froukje hem aan boord liet, want ze had het wel even gehad met zijn adviezen, zei ze voor Omrop Fryslân.

 

Ramp in de familie

Jan Hoekema uit Bolsward gaf in 1910 opdracht om dit mooie schip te bouwen. Of woonde hij in Leeuwarden toen het schip op 10 mei werd gemeten? Zo staat het in de notities van de scheepsmeter. Het casco zal in de boedel van de failliete firma van Berend Roorda hebben gezeten; dan mocht het dankzij de curator worden afgebouwd, net als ‘De Jonge Jan’ van Sytze Jiskes Sytema. In Leeuwarden werd het gemeten op 17,02 bij 3,56m en een bijbehorend tonnage van 33,980. Als naam kreeg het schip ‘De Drie Gebroeders’.

Van Hoekema zou Sikke Sikkema uit Oostermeer het skûtsje hebben gekocht. Die deed het in het laatste oorlogsjaar 1917 over aan Jouke Sjoerds Melchers te ‘Mirns en Bakhuizen’, zoals in de gemeentelijke administratie staat. Die dorpen vormden namelijk administratief een eenheid. Jouke en zijn mooie vrouw Fet(s)je van der Zee waren in het huwelijk niet gelukkig. Minstens vier van hun kinderen werden levenloos geboren. Dat was natuurlijk een ramp.

Op 28 oktober 1943 werd het skûtsje te Bakhuizen gemeten op 17,03 bij 3,57 m, met een holte van 1,10m  en een tonnage van 33,475. Als tweede registratienummer werd het merk G 7046 N ingeslagen. De naam was toen ‘Twee Gebroeders’.  Op 11 juni 1952, toen dit lenige Piipster skûtsje was gedegradeerd tot drijver onder een woonark, kreeg het geheel officieel de naam 'Margo'.

De later beroemd geworden berger en medeorganisator van het moderne skûtsjesilen op de Kralingse Plas Jan van Seumeren legde het skûtsje in De Meern bij Utrecht om er een tijdje op te wonen. Hij wist dat de woonark vroeg of laat in oude glorie hersteld zou worden. Van Seumeren, die onder meer de Koersk heeft geborgen, deed wel vaker handel in skûtsjes. Soms pakte dat teleurstellend uit, zoals bij de ‘Wylde Wytsing’, die hij samen met Allard Syperda in het halfdonker uit Lelystad ophaalde.

 

Groot herstel

De sterke Johan van der Meulen in Alde Leije herstelde tussen 1982 en ’85 samen met zijn broer Simon het schip in oude glorie. Hij noemde het schip naar zijn zoon Jasper en liet de Leeuwarder Theo Ferwerda er in 1983 op varen. Die bleef met een vierde plek net voor Johans broer Simon, die toen met de ‘Nooit Volmaakt’ naar een vijfde plaats in het klassement voer. Kenners zagen het meteen: ook deze Piipster was een schot in de roos, als er een knap tuig op werd gezet.Johan verkocht het schip aan Sieb Meijer in Franeker, die er vanaf 1986 mee zeilde bij de IFKS, maar de naam handhaafde. Hij begon rustig. In 1987 won hij de competitie in de B-klasse. In 1989 deed hij dat na promotie én degradatie opnieuw. Vanaf 1990 ging het beter in de klasse A-groot, waar Meijer in 1993 zijn eerste titel veroverde, na een derde plaats in 1992. In 1996 won Sieb vier keer de dagprijs én het kampioenschap, in 1998 en ’99 glorieerde de Franeker opnieuw. Tussendoor ging het ook wel eens heel slecht, maar dat lag ‘m niet aan het schip.

Het is nu aan Froukje Osinga-Meijer om zich op het hoogste niveau te bewijzen. Dat gaat uitstekend. Ze zit met haar bemanning dicht bij de top, maar moet misschien mentaal nog wat sterker worden om alle concurrenten te verslaan.

 

Opdrachtgever: Jan Hoekema, Leeuwarden

Registratienummer: L 1246 N / G 7046 N

Eigenaar: Sieb Meijer, Franeker

Schipper: Froukje Osinga-Meijer

Lengte: 19,92

Breedte: 3,56

Holte: 1,10

Tonnage: 34

Gebruik: Wedstrijd

 

 


Afdrukken   E-mailadres